Giganten

 

Toen Karl Lagerfeld in 2019 overleed, zag ik op het internet meer foto’s van zijn privébibliotheek dan van zijn handtassen en reukwatertjes. Met als persoonlijk tintje: alle boeken liggen op hun rug opgestapeld. Dat lijkt me de beste methode om ze niet te lezen. Ook de internetkiekjes van de home libraries van bijvoorbeeld Michael Jackson en George Lucas getuigen van wat twee eeuwen geleden nog vereenzelvigd werd met de hoofdzonde van de vanitas, de ijdelheid. Ik heb nooit in dergelijke gefortuneerde kringen verkeerd, maar ik heb wel indrukwekkende huisboekerijen gezien die van meer karakter getuigen, omdat ze niet één hoofdzonde maar dagelijkse zonden waren. Ik dacht aan zes bijzondere boekerijen.

  1. De woning van Ayolt Brongers, auteur van onder andere Boekwoorden woordenboek, staat op een heuvelrugje. Dat maakte het mogelijk om er een verdieping onder te laten aanleggen voor een deel van de boeken. Een ‘bibliotheekkelder’ – want je moet wel een trap af – maar een kelder waarin ook daglicht binnenvalt.
  2. De huisbibliotheek van een eroticaverzamelaar in Gent had geen ramen. De verlichting boven de kasten en in de vitrines deed me denken aan een dark room voor erotofielen, niet in de laatste plaats omdat alle boeken, zelfs de nederigste sleeze en pulp, waren ingebonden in zwart leder.
  3. Bij een verzamelaar van oude drukken zag ik drie koelkasten staan waarin hij zijn meest kostbare uitgaven bewaarde. Uiteraard zat de stekker er niet in, maar het was wel ‘absoluut stofvrij’.
  4. Een taalkundige die enig aanzien genoot als corrector van de troonrede, sneed met een elektrisch figuurzaagje blokjes van piepschuim op maat, en legde die achter zijn boeken, zodat die altijd in een onberispelijk gelid stonden.
  5. Toen ik Guus Thurkow voor het eerst bezocht, was hij al op zoek naar een bestemming voor de meer dan duizend miniatuurboekjes die toen nog in zijn woonkamer stonden. Niet alleen de boekjes maar het hele door een meubelmaker op schaal gemaakte bibliotheekkabinet, inclusief het bureau van de bibliothecaris en een nis met daarin een ruiterbeeld van Don Quichote. Want Cervantes laat de Don zeggen dat de windmolens waartegen hij vecht ‘reuzen’ zijn: Ellos son gigantes. En zo dacht Thurkow ook over zijn miniboekjes. De Thurkowiana is uiteindelijk verhuisd naar museum Huis van het Boek in Den Haag.

De nummer 1 van mijn lijstje in de volgende aflevering van dit blog: de bibliotheek van Toto en Krikri.


Ed Schilders


Dit artikel verscheen oorspronkelijk in het tijdschrift Argus op 15 december 2020.


Meer blogs?

Klik boven in het menu om eerdere blogs te lezen.

Karl Lagerfeld (boven), en Guus Thurkow en zijn mini-librije.