Noodlot

De precieze datum is niet bekend maar het moet in april 1825 zijn gebeurd. Antoine Boulard, 71 jaar oud, oud-notaris, ex-politicus, maar sedert twintig jaar vooral bekend als ‘bibliomaan’, wil in de vroege avond zijn woning in Saint-Germain-des-Prés binnengaan, als hij een kar met paard ziet naderen met daarop een grote vracht boeken. Hij spreekt de voerman aan: ‘Waar brengt u die boeken naar toe?’ Hij brengt ze naar zijn ‘baas’, en als Boulard vraagt wat die baas er mee gaat doen, is het antwoord: ‘Die maakt er koffiezakjes van, want dat is zijn handel.’
Habent sua fata libelli, zegt een gevleugeld woord van Terentianus Maurus, en meestal wordt dat uitgelegd als ‘Boeken hebben hun merkwaardige lotgevallen’. In feite is de tekst van Maurus (in De litteris, 2de eeuw) nog wat langer. De lotgevallen worden bepaald pro captu lectoris, door datgene waartoe de lezer in staat is. Dat er boekverbranders zijn en andersoortige bibliovandalen, dat wist ik. De collaborateurs die van boeken koffiezakjes maken, waren nieuw voor mij.
In januari 1345 voltooide de Engelse bisschop Richard de Bury zijn verhandeling Philobiblon. Waartoe lezers in staat zijn, bespreekt hij als een bijbelse boekenherder. Geen bloemen drogen, geen snot op het velijn laten druppen, en onderstreep belangrijke passages niet met het vuil van onder je nagels. In hoofdstuk 7 laat hij het boek klagen over de gevolgen van oorlogen en aanverwante troebelen. Want dan worden bibliotheken geplunderd bij gebrek aan gezond verstand.
Dat is precies wat er is gebeurd in (onder andere) het Engeland van Hendrik VIII en in het Frankrijk van de Revolutie. De bibliotheekbuit wordt dan verkocht aan de kruidenier, de handelaar in koffie, thee, en specerijen. De grote boekformaten vinden hun weg naar de viskraam want voor een makreel heb je minstens een folio nodig.
Habent sua fata. Richard de Bury overleed kort na de voltooiing van zijn Philobiblon. Het handschrift werd in 1473 voor het eerst gedrukt. Zijn zeer omvangrijke bibliotheek liet hij na aan een katholieke instelling in Oxford, die ten tijde van Hendrik VIII openbaar werd verkocht.
Antoine Boulard herkende de karrenvracht papier als roofliteratuur van revolutionair Frankrijk, en kocht alles bij zijn voordeur zonder aarzelen op. Hij verplaatste de vracht naar de kelder van zijn huis, en dat werd hem fataal. Zweet, kelderkoude, een dubbele longontsteking. Hij overleed drie weken later.

Ed Schilders

Dit artikel verscheen oorspronkelijk in het tijdschrift Argus op 1 september 2020.

Zegel van Richard de Bury.