Uit eten

Het moge bekend zijn dat mensen van de vrouwelijke kunne niet welkom zijn in de kloosters op de berg Athos in Griekenland.  Net zo min, overigens, als dieren van de vrouwelijke soort. Katten worden echter oogluikend toegestaan want die eten graag de ratten en de muizen, die op hun beurt graag dineren met perkament en papier.

Toen Robert Curzon in 1849 de berg bezocht, had hij weliswaar een zwaarwegende aanbevelingsbrief van de Griekse patriarch in Constantinopel, maar de bibliothecaris van dienst op Athos was daar niet bepaald van onder de indruk. Die  vindt dat Curzon eerst maar eens een speciaal boekontbijt moet savoureren voordat hem de unieke schatten getoond zullen worden. De eer van zo’n biblio-ontbijt krijgen alleen eregasten. De basis daarvan is een ‘witachtig deeg’. Voeg daar ‘look, fijn gestoten met suiker’ aan toe. Doe er olie bij, ‘precies zo veel als nodig is’, en geraspte kaas, die volgens Curzon ‘bijna het vel van de vingers trekt’. Het gevolg is: ‘In de kamer, de gang en de cellen, over berg en dal, verspreidde zich een onbeschrijflijk afschuwelijke geur.’ Curzon vermant zich. Hij moet en zal de boeken zien. Hij slikt één hap, en mag de bibliotheek betreden.

In 1799 reisde de Engelse boekhandelaar en uitgever Thomas Payne naar Parijs waar een exemplaar werd geveild van Boccaccio’s Decamerone, in 1471 gedrukt door Valdarfer, door verzamelaars begeerd, en tegenwoordig alleen bereikbaar voor beleggers. Payne werd echter ziek en kon de veiling niet bijwonen. De bibliofolklore wil dat hij de volgende dag bezoek kreeg van een vriend, en aan hem vroeg hoe het ‘de Valdarfer’ ter veiling was vergaan. De vriend bekent schoorvoetend: “Ik moest gaan dineren... en ik kwam... te laat.” Payne kreeg een beroerte en sprak zijn laatste woorden:  “Wie de Valdarfer wil hebben, die gáát niet uit eten!” In Charles Nodiers verhaal  Le Bibliomane (1831) overlijdt de bibliomane hoofdpersoon Théodore nadat zijn vriend de veiling van een nog mooiere Decamerone heeft gemist. Het is de door Philippo di Giunta in 1527 gedrukte editie, naar het jaartal liefkozend de Ventisettana genoemd.  Ook Théodore’s boekenvriend bekent dat hij moest dineren.

Robert Curzon op Athos is een waarachtige bibliomaan. Ik heb niettemin toch ook begrip voor de verontschuldiging van de vriend van Payne. Théodore’s vriend heeft echter het beste excuus. Hij kucht even en bekent dan: ‘Ik moest  uit eten. Met charmante dames en verse oesters.’

 

Ed Schilders

Dit artikel verscheen oorspronkelijk in het tijdschrift Argus op 27 oktober 2020.